helphelp

Einddoelen

Engels ( havo vwo )

De Meervoudige Benadering MVT Literatuuronderwijs (oftewel: Comprehensive Approach to Foreign Language Literature Education) houdt in dat literaire teksten bij de moderne vreemde talen vanuit vier benaderingen behandeld worden in de les: de tekstgerichte-, contextgerichte-, lezersgerichte- en taalgerichte benadering. De vier benaderingen worden geïntegreerd en gebalanceerd aangeboden met als doel de literatuurlessen MVT zoveel mogelijk te verrijken. Deze benadering sluit aan bij het ERK.

Voor meer informatie en voorbeelden bij het onderdeel Literatuur, kunt u onderstaande documenten raadplegen/downloaden:

  • = CE
  • = Basis
  • = Verdiepende keuzestof
  • = SE
  • = Verbredende keuzestof
  • = SE Papieren versie CE Digitale versie [bij digitale versie mag deze eindterm ook nog op SE]
  • = CE [mag op SE]
  • = Varieert per bb/kb/gt-leerweg en varieert ook door de keuze voor papieren of digitaal examen. Zie Syllabus 2014.
  • = CE en SE
  • = K
  • = Kgv
Lezen87 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Correspondentie lezen1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties.   Opleiding: opleidingsinstanties, uitwisseling,  Werk: solliciteren.
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven
B2
Kan brieven of e-mails over onderwerpen in de eigen interessesfeer met gemak lezen en snel de essentie vatten
Kan de meeste zakelijke correspondentie van verschillende instanties begrijpen
B1
Kan persoonlijke brieven, e-mails en vormen van sociale media voldoende begrijpen om met iemand te kunnen corresponderen
Kan een eenvoudige formele brief of e-mail voldoende begrijpen om adequaat te kunnen reageren
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven.                                                                                                                                                        
 
 B2
 
 Kan brieven of e-mails over onderwerpen in de eigen interessesfeer met gemak lezen en snel de essentie vatten.
 
 Kan de meeste zakelijke correspondentie van verschillende instanties begrijpen.
 
 B1
 
 Kan persoonlijke brieven, e-mails en vormen van sociale media voldoende begrijpen om met iemand te kunnen corresponderen.
 
 Kan een eenvoudige formele brief of e-mail voldoende begrijpen om adequaat te kunnen reageren.
 
 

B2
Kan brieven of e-mails over onderwerpen in de eigen interessesfeer met gemak lezen en snel de essentie vatten
Kan de meeste zakelijke correspondentie van verschillende instanties begrijpen
C1
Kan elke brief of e-mail begrijpen, eventueel met gebruik van een woordenboek
Kan alle zakelijke correspondentie begrijpen
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven, aangevuld met C1 opgaven

MVT/Domein A Leesvaardigheid
Oriënterend lezenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven
B2
Kan snel belangrijke detailinformatie vinden in lange en complexe teksten
Kan bij allerlei soorten berichten, artikelen of verslagen snel bepalen of het de moeite waard is deze nader te bestuderen
Kan meer complexe advertenties begrijpen
B1
Kan relevante informatie vinden en begrijpen in brochures en korte officiële documenten op internet of in andere media
Kan in langere teksten op internet of in andere media informatie zoeken over thema's binnen het eigen interessegebied
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven.      
 
 B2
 
 Kan snel belangrijke detailinformatie vinden in lange en complexe teksten.
 
 Kan bij allerlei soorten berichten, artikelen of verslagen snel bepalen of het de moeite waard is deze nader te bestuderen.
 
 Kan meer complexe advertenties begrijpen.
 
 B1
 
 Kan relevante informatie vinden en begrijpen in brochures en korte officiële documenten op internet of in andere media.
 
 Kan in langere teksten op internet of in andere media informatie zoeken over thema's binnen het eigen interessegebied.
 
 
 

B2
Kan snel belangrijke detailinformatie vinden in lange en complexe teksten
Kan bij allerlei soorten berichten, artikelen of verslagen snel bepalen of het de moeite waard is deze nader te bestuderen
Kan meer complexe advertenties begrijpen
C1
Kan snel belangrijke detailinformatie vinden in lange en complexe teksten
Kan bij allerlei soorten berichten, artikelen of verslagen snel bepalen of het de moeite waard is deze nader te bestuderen
Kan meer complexe advertenties begrijpen
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven, aangevuld met C1 opgaven

MVT/Domein A Leesvaardigheid
Lezen om informatie op te doen1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven
B2
Kan teksten begrijpen over actuele onderwerpen waarin de schrijver een bepaald standpunt inneemt
Kan literaire en non-fictie teksten lezen met een redelijke mate van begrip voor het geheel en voor details
Kan in teksten over onderwerpen van algemeen belang of binnen het eigen vak- of interessegebied nieuwe informatie en specifieke details vinden
B1
Kan belangrijke feitelijke informatie begrijpen in korte verslagen en artikelen
Kan het hoofdthema en de belangrijkste argumenten begrijpen in eenvoudige teksten op internet of in andere media
Kan eenvoudige jeugdliteratuur lezen
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven.      
 
 
 B2
 
 Kan teksten begrijpen over actuele onderwerpen waarin de schrijver een bepaald standpunt inneemt.
 
 Kan literaire en non-fictie teksten lezen met een redelijke mate van begrip voor het geheel en voor details.
 
 Kan in teksten over onderwerpen van algemeen belang of binnen het eigen vak- of interessegebied nieuwe informatie en specifieke details vinden.
 
 B1
 
 Kan belangrijke feitelijke informatie begrijpen in korte verslagen en artikelen.
 
 Kan het hoofdthema en de belangrijkste argumenten begrijpen in eenvoudige teksten op internet of in andere media.
 
 Kan eenvoudige jeugdliteratuur lezen.
 

B2
Kan teksten begrijpen over actuele onderwerpen waarin de schrijver een bepaald standpunt inneemt
Kan literaire en non-fictie teksten lezen met een redelijke mate van begrip voor het geheel en voor details
Kan in teksten over onderwerpen van algemeen belang of binnen het eigen vak- of interessegebied nieuwe informatie en specifieke details vinden  C1
Kan lange en complexe teksten tot in detail begrijpen, mits moeilijke passages herlezen kunnen worden
Kan met gemak literaire en non-fictie teksten lezen
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven, aangevuld met C1 opgaven

MVT/Domein A Leesvaardigheid
Instructies lezenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement,  Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties.
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven
B2
Kan lange en complexe instructies begrijpen, mits er gelegenheid is om moeilijke stukken meerdere malen te lezen
B1
Kan duidelijk geschreven, ondubbelzinnige instructies begrijpen
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven aangevuld met B1 opgaven.      
 
 B2
 
 Kan lange en complexe instructies begrijpen, mits er gelegenheid is om moeilijke stukken meerdere malen te lezen.
 
 B1
 
 Kan duidelijk geschreven, ondubbelzinnige instructies begrijpen.

B2
Kan lange en complexe instructies begrijpen, mits er gelegenheid is om moeilijke stukken meerdere malen te lezen
C1
Kan ieder installatievoorschrift of elke handleiding goed begrijpen, mits moeilijke passages herlezen kunnen worden
ERK-niveau: overwegend B2 opgaven, aangevuld met C1 opgaven

MVT/Domein A Leesvaardigheid
Kijken en luisteren13 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Gesprekken tussen moedertaalsprekers verstaan1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding:  uitwisseling, vorming
B1
Kan de hoofdpunten volgen van gesprekken over een voor hem/haar interessant onderwerp
Kan de hoofdlijnen volgen van discussies over actuele en vertrouwde thema's
B1
 
 Kan de hoofdpunten volgen van gesprekken over een voor hem/haar interessant onderwerp.
 
 Kan de hoofdlijnen volgen van discussies over actuele en vertrouwde thema's.
 
 

B2
Kan met enige moeite veel begrijpen van gesprekken over een voor hem/haar interessant onderwerp
Kan in discussies over thema's binnen het eigen vak- of interessegebied de argumentatie volgen en belangrijke punten in detail begrijpen

MVT/Domein B Kijk-en luistervaardigheid
Luisteren als lid van een live publiek3 leermiddelenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
B1
Kan een beschrijving begrijpen van iets wat vertrouwd is of wat hem/haar persoonlijk interesseert
Kan hoofdpunten begrijpen in korte praatjes over vertrouwde onderwerpen
B1
 
 Kan een beschrijving begrijpen van iets wat vertrouwd is of wat hem/haar persoonlijk interesseert.
 
 Kan hoofdpunten begrijpen in korte praatjes over vertrouwde onderwerpen.
 
 

B2
Kan complexe informatie begrijpen over onderwerpen uit het dagelijks leven of het eigen beroep of vakgebied
Kan binnen de eigen interessesfeer of het eigen vakgebied de essentie van ingewikkelde betogen begrijpen, mits het onderwerp enigszins vertrouwd en het verhaal duidelijk opgebouwd is

MVT/Domein B Kijk-en luistervaardigheid
Luisteren naar aankondigingen en instructiesDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven;  thuis en omgeving, vrije tijd en amusement. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties. Opleiding: doeltaal op school.
B1
Kan eenvoudige, duidelijke informatie van algemene aard begrijpen
Kan concrete aanwijzingen en opdrachten begrijpen
Kan eenvoudige technische informatie begrijpen zoals de uitleg van de werking van een apparaat
B1
 
 Kan eenvoudige, duidelijke informatie van algemene aard begrijpen.
 
 Kan concrete aanwijzingen en opdrachten begrijpen.
 
 Kan eenvoudige technische informatie begrijpen zoals de uitleg van de werking van een apparaat.
 
 

B2
Kan gedetailleerde aanwijzingen en mededelingen begrijpen

MVT/Domein B Kijk-en luistervaardigheid
Luisteren naar tv, video- en geluidsopnames1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven;   vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding:   uitwisseling, vorming
B1
Kan hoofdpunten begrijpen in radioprogramma’s als er eenvoudig, langzaam en duidelijk gesproken wordt
Kan belangrijke details begrijpen in tv-programma's over vertrouwde onderwerpen als er betrekkelijk langzaam en duidelijk gesproken wordt
Kan de handeling en het verloop van de gebeurtenissen in films volgen als het verhaal door beeld en actie duidelijk wordt en de taal niet te moeilijk is
B1
 
 Kan hoofdpunten begrijpen in radioprogramma’s als er eenvoudig, langzaam en duidelijk gesproken wordt.
 
 Kan belangrijke details begrijpen in tv-programma's over vertrouwde onderwerpen als er betrekkelijk langzaam en duidelijk gesproken wordt.
 
 Kan de handeling en het verloop van de gebeurtenissen in films volgen als het verhaal door beeld en actie duidelijk wordt en de taal niet te moeilijk is.
 
 

B2
Kan de meeste in standaardtaal en in normaal tempo gesproken radioprogramma's begrijpen
Kan de essentie begrijpen van moeilijker tv-programma's als er in standaardtaal en in normaal tempo gesproken wordt
Kan de handeling en veel informatie volgen in films als er in standaardtaal en in normaal tempo gesproken wordt

MVT/Domein B Kijk-en luistervaardigheid
Gesprekken voeren85 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Informele gesprekken1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca,  actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, uitwisseling, vorming
B1
Kan gevoelens uiten en op gevoelens van anderen reageren
Kan persoonlijke standpunten, commentaar en meningen geven over onderwerpen binnen de eigen belevingssfeer
B1
Kan gevoelens uiten en op gevoelens van anderen reageren.
Kan persoonlijke standpunten, commentaar en meningen geven over onderwerpen binnen de eigen belevingssfeer.

B2
Kan contacten met sprekers van de vreemde taal onderhouden zonder hen onbedoeld te irriteren of te amuseren en zonder dat zij zich anders moeten gedragen dan in gesprekken met native speakers
Kan in vertrouwde situaties actief meedoen aan discussies over onderwerpen van algemene aard
Kan gevoelens genuanceerd uiten en adequaat reageren op gevoelsuitingen van anderen

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Bijeenkomsten en vergaderingenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
B1
Kan in beperkte mate deelnemen aan routinematige groepsdiscussies over praktische zaken, om een voorstel te doen of een standpunt over te brengen
B1
Kan in beperkte mate deelnemen aan routinematige groepsdiscussies over praktische zaken, om een voorstel te doen of een standpunt over te brengen.
 
 
 .

B2
Kan actief meedoen aan routinematige en niet-routinematige formele discussies
Kan in een discussie zijn/haar mening naar voren brengen, verantwoorden en overeind houden
Kan in een discussie alternatieve voorstellen bespreken, een hypothese formuleren en op hypotheses reageren

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Zaken regelenDagelijks leven. Publieke sector.
Dagelijks leven: relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties.   Opleiding:  opleidingsinstanties, uitwisseling,  Werk: solliciteren
B1
Kan zijn/haar mening geven en voorstellen doen voor het oplossen van problemen en het nemen van praktische beslissingen
Kan zich redden in minder routinematige situaties, zoals het terugbrengen van een aankoop naar een winkel
Kan een klacht uiten, aannemen en doorgeven
Kan overweg met voorspelbare situaties die zich kunnen voordoen tijdens een reis
B1
 
 Kan zijn/haar mening geven en voorstellen doen voor het oplossen van problemen en het nemen van praktische beslissingen.
 
 Kan zich redden in minder routinematige situaties, zoals het terugbrengen van een aankoop naar een winkel.
 
 Kan een klacht uiten, aannemen en doorgeven.
 
 Kan overweg met voorspelbare situaties die zich kunnen voordoen tijdens een reis.
 

B2
Kan de voortgang van het werk of van een gezamenlijke activiteit op weg helpen
Kan een vraagstuk of probleem helder schetsen, een vermoeden uitspreken over oorzaken en consequenties en verschillende oplossingen tegen elkaar afwegen
Kan in een telefoongesprek een probleem oplossen of toelichten
Kan zich op reis in onverwachte situaties redden
Kan een klacht op adequate wijze afhandelen, telefonisch en face-to-face
Kan onderhandelen

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Informatie uitwisselen3 leermiddelenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming Werk
B1
Kan eenvoudige feitelijke informatie achterhalen en doorgeven
Kan meer gedetailleerde informatie achterhalen
Kan in gesprekken informatie uitwisselen over vertrouwde onderwerpen
Kan meer gedetailleerde aanwijzingen vragen en ze opvolgen
Kan in beperkte mate initiatieven nemen in een vraaggesprek
Kan telefonische informatie opvragen of doorgeven
B1
 
 Kan eenvoudige feitelijke informatie achterhalen en doorgeven.
 
 Kan meer gedetailleerde informatie achterhalen.
 
 Kan in gesprekken informatie uitwisselen over vertrouwde onderwerpen.
 
 Kan meer gedetailleerde aanwijzingen vragen en ze opvolgen.
 
 Kan in beperkte mate initiatieven nemen in een vraaggesprek.
 
 Kan telefonische informatie opvragen of doorgeven.
 

B2
Kan op betrouwbare wijze gedetailleerde informatie doorgeven
Kan complexe informatie en adviezen met betrekking tot het eigen vak- of interessegebied uitwisselen
Kan in telefoongesprekken meer complexe informatie uitwisselen
Kan initiatief nemen in een vraaggesprek, kan ideeën ontwikkelen en ze uitbreiden met een beetje hulp of stimulans van de gesprekspartner

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Spreken89 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Monologen1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
B1
Kan een eenvoudige beschrijving geven van vertrouwde zaken binnen het eigen interessegebied
Kan met enig detail verslag doen van ervaringen, en meningen en reacties beschrijven
Kan echte of verzonnen gebeurtenissen beschrijven en verhalen vertellen
Kan vertellen over zijn/haar dromen, verwachtingen en ambities
Kan naar aanleiding van zijn/haar monoloog desgewenst zaken uitleggen en toelichten
B1
 
 Kan een eenvoudige beschrijving geven van vertrouwde zaken binnen het eigen interessegebied.
 
 Kan met enig detail verslag doen van ervaringen, en meningen en reacties beschrijven.
 
 Kan echte of verzonnen gebeurtenissen beschrijven en verhalen vertellen.
 
 Kan vertellen over zijn/haar dromen, verwachtingen en ambities.
 
 Kan naar aanleiding van zijn/haar monoloog desgewenst zaken uitleggen en toelichten.
 

B2
Kan veel zaken binnen het eigen vakterrein of interessegebied duidelijk uiteenzetten, en daarbij belangrijke punten en relevante details goed naar voren brengen
Kan verslag doen van ervaringen en gebeurtenissen, en daarbij meningen met argumenten onderbouwen
Kan duidelijke, samenhangende verhalen vertellen

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Een publiek toesprekenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven;  vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties, actualiteiten    Opleiding:   uitwisseling, vorming
B1
Kan in alledaagse of vertrouwde situaties duidelijke mededelingen en aankondigingen doen aan een groep
Kan een eenvoudige presentatie of spreekbeurt houden
B1  
 
 Kan in alledaagse of vertrouwde situaties duidelijke mededelingen en aankondigingen doen aan een groep.
 
 Kan een eenvoudige presentatie of spreekbeurt houden.

B2  
Kan in de meeste situaties spontaan iets in een groep aankondigen of meedelen
Kan een duidelijk en gedetailleerd betoog houden over onderwerpen uit eigen interessesfeer of werkgebied

MVT/Domein C Gespreksvaardigheid
Schrijven101 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Correspondentie4 leermiddelenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties.   Opleiding: opleidingsinstanties, uitwisseling,  Werk: solliciteren.
B1
Kan feitelijke zaken beschrijven en nieuwtjes uitwisselen via brieven, e-mails of via andere vormen van sociale media
Kan over persoonlijke zaken schrijven via brieven, e-mails of via andere vormen van sociale media
Kan eenvoudige brieven schrijven aan instanties en zakelijke contacten
Kan op advertenties reageren
Kan deelnemen aan discussies over bekende thema's of over thema's uit het interessegebied via sociale media zoals internet
B1
 
 Kan feitelijke zaken beschrijven en nieuwtjes uitwisselen via brieven, e-mails of via andere vormen van sociale media.
 
 Kan over persoonlijke zaken schrijven via brieven, e-mails of via andere vormen van sociale media.
 
 Kan eenvoudige brieven schrijven aan instanties en zakelijke contacten.
 
 Kan op advertenties reageren.
 
 Kan deelnemen aan discussies over bekende thema's of over thema's uit het interessegebied via sociale media zoals internet.
 

B2
Kan in correspondentie ingaan op de persoonlijke betekenis van ervaringen en gebeurtenissen
Kan in persoonlijke brieven, e-mails en in internetgroepen nieuws en standpunten van een ander becommentariëren
Kan adequate zakelijke en formele brieven schrijven

MVT/Domein D Schrijfvaardigheid
Aantekeningen, berichten, formulieren1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties.   Opleiding:  doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling,
B1
Kan formulieren waarin wat meer informatie gevraagd wordt, gedetailleerd invullen
Kan telefonische boodschappen opschrijven en doorgeven
Kan memo's maken waarin eenvoudige informatie wordt doorgegeven aan mensen in de directe omgeving
Kan een korte, eenvoudige advertentie opstellen
B1
 
 Kan formulieren waarin wat meer informatie gevraagd wordt, gedetailleerd invullen.
 
 Kan telefonische boodschappen opschrijven en doorgeven.
 
 Kan memo's maken waarin eenvoudige informatie wordt doorgegeven aan mensen in de directe omgeving.
 
 Kan een korte, eenvoudige advertentie opstellen.
 
 

(als op B1 havo)
Kan formulieren waarin wat meer informatie gevraagd wordt, gedetailleerd invullen
Kan telefonische boodschappen opschrijven en doorgeven
Kan memo's maken waarin eenvoudige informatie wordt doorgegeven aan mensen in de directe omgeving
Kan een korte, eenvoudige advertentie opstellen

MVT/Domein D Schrijfvaardigheid
Verslagen en rapporten1 leermiddelDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving,  relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
B1
Kan een kort, eenvoudig verslag schrijven volgens een vast format
Kan feitelijke informatie over vertrouwde onderwerpen samenvatten en becommentariëren
Kan de informatie die hij/zij belangrijk acht, duidelijk opschrijven
B1
 
 Kan een kort, eenvoudig verslag schrijven volgens een vast format.
 
 Kan feitelijke informatie over vertrouwde onderwerpen samenvatten en becommentariëren.
 
 Kan de informatie die hij/zij belangrijk acht, duidelijk opschrijven.

B2
Kan teksten schrijven waarin argumenten worden uitgewerkt en onderbouwd
Kan een begrijpelijke samenvatting maken
Kan redelijk gedetailleerde verslagen maken

MVT/Domein D Schrijfvaardigheid
Vrij schrijven9 leermiddelenDagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.
Dagelijks leven; persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement, relaties met anderen. Publieke  sector: reizen, winkelen, horeca, instanties, actualiteiten.   Opleiding: doeltaal op school, opleidingsinstanties, uitwisseling, vorming
B1
Kan gedetailleerde beschrijvingen geven van bekende onderwerpen binnen het eigen interessegebied
Kan verslag doen van ervaringen en daarbij gevoelens en reacties op gebeurtenissen beschrijven
Kan een eenvoudig verhaaltje of opstel schrijven over een onderwerp dat hem/haar interesseert
B1
 
 Kan gedetailleerde beschrijvingen geven van bekende onderwerpen binnen het eigen interessegebied.
 
 Kan verslag doen van ervaringen en daarbij gevoelens en reacties op gebeurtenissen beschrijven.
 
 Kan een eenvoudig verhaaltje of opstel schrijven over een onderwerp dat hem/haar interesseert.
  
 

B2
Kan duidelijke, gedetailleerde teksten schrijven over thema's gerelateerd aan het eigen interessegebied
Kan een samenhangend verhaal schrijven

MVT/Domein D Schrijfvaardigheid
Literatuur8 leermiddelen
-Contexten en tekstkenmerkenhavovwoexameneenheden
Tekstgerichte benadering
De tekstgerichte benadering houdt zich bezig met de formele elementen van de literatuur, waarbij leerlingen bijvoorbeeld leren hoe het gebruik van literaire termen een effect op de interpretatie van de tekst kan hebben. Een ander aspect van de tekstgerichte benadering is kennis van genre, literaire stijlen en tekstsoorten. Het begrijpen van een literaire tekst vraagt inzicht van de lezer in onderwerpen als perspectief, thematiek, of het effect van de ruimte. De tekstgerichte bandering gaat er vanuit dat het oefenen van interpretatie vaardigheden met taalkundig veeleisende teksten nuttig is voor het begrijpen van alle discours in de doeltaal
Literaire terminologie. Bijvoorbeeld: De leerling kan literaire begrippen (b.v. beeldspraak, hyperbool) identificeren in literaire teksten.
Literaire genres en tekstsoorten. Bijvoorbeeld: De leerling kan specifieke kenmerken van bepaalde genres of tekstsoorten benoemen.  
Tijd en plaats. Bijvoorbeeld: De leerling kan  aangeven waar in bepaalde literaire werken de keuze van tijd en plaats de sfeer van het verhaal/ gedicht/ toneelstuk benadrukt.   
Verhaal, plot & thema's. Bijvoorbeeld: De leerling kan benoemen wat  het plot van een verhaal en wat de leidende  thema's zijn.  
 Personages. Bijvoorbeeld: De leerling kan de ontwikkeling van bepaalde personages uitleggen.  
 

Literaire terminologie. Bijvoorbeeld: De leerling kan de functie van literaire begrippen (b.v. beeldspraak, hyperbool) uitleggen door middel van het geven van voorbeelden uit literaire teksten.
Literaire genres en tekstsoorten. Bijvoorbeeld: De leerling kan specifieke kenmerken van bepaalde genres of tekstsoorten koppelen aan het thema in bestudeerde literaire werken. Tijd en plaats. Bijvoorbeeld: De leerling kan  beargumenteren dat het effect van de keuze van tijd en plaats  in bepaalde literaire werken de sfeer van het verhaal/ gedicht/ toneelstuk benadrukt.  
Verhaal, plot & thema's. Bijvoorbeeld: De leerling kan uitleggen wat de connectie is tussen het plot van een verhaal en bepaalde thema's.  Personages. Bijvoorbeeld: De leerling kan de ontwikkeling van bepaalde personages analyseren.  
 

MVT/Domein E Literatuur
Contextgerichte benadering
Binnen de contextgerichte benadering wordt literatuur beschouwd als een verzameling teksten die de culturele, historisch en sociaal rijke verscheidenheid van onze wereld reflecteren. Deze verscheidenheid, gecontextualiseerd in een literair werk, vertegenwoordigt vaak een ‘vreemde wereld’ voor de leerling (in tegenstelling tot literaire teksten in de moedertaal) waarin onderwerpen als identiteit, politieke macht, etniciteit en religie worden besproken. Het bestuderen van de context van literaire werken draagt bij tot de ontwikkeling van een gevoel van tolerantie en begrip voor deze ‘vreemde wereld’. Daarnaast kan kennis over literaire stromingen evenals historische en biografische elementen van een literaire tekst verder bijdragen aan deze contextualisering.
Biografische informatie. Bijvoorbeeld: De leerling kan beschrijven welke elementen van de bestudeerde werken gerelateerd kunnen worden aan het leven van de auteur(s).
Historische, sociale en culturele elementen. Bijvoorbeeld: De leerling kan  historische, culturele en/of sociale elementen in literaire teksten identificeren.
Literaire periodes en geschiedenis.  Bijvoorbeeld: De leerling kan beschrijven wat het verschil is met theater in de Renaissance en theater nu.  
 

Biografische informatie. Bijvoorbeeld: De leerling kan beargumenteren welke elementen van de bestudeerde werken gerelateerd kunnen worden aan het leven van de auteur(s).
Historische, sociale en culturele elementen. Bijvoorbeeld: De leerling kan analyseren hoe bepaalde historische, culturele en/of sociale elementen tot uiting komen in literaire teksten.
Literaire periodes en geschiedenis.  Bijvoorbeeld: De leerling kan de sociale rol en positie van theater in de Renaissance uitleggen.  
 

MVT/Domein E Literatuur
Lezersgerichte benadering
De focus van de lezersgerichte benadering is de leeservaring, leessmaakontwikkeling en algemene ontwikkeling van de leerling. Literatuur nodigt leerlingen uit om buiten hun comfort zone te treden en te experimenteren met kritisch kijken naar (on)bekende situaties. De lezersgerichte benadering stimuleert leerlingen om literaire teksten te bestuderen vanuit meerdere perspectieven waardoor ze uitgenodigd worden om te analyseren hoe mensen bijvoorbeeld andere overtuigingen of verlangens kunnen hebben.
Persoonlijke leeservaringen met literaire teksten. Bijvoorbeeld: De leerling kan zijn/haar reactie op bepaalde personages of gebeurtenissen in literaire werken beschrijven.
 Ontwikkelen van een leessmaak. Bijvoorbeeld: De leerling kan zijn mening over de bestudeerde literaire werken formuleren.
Kritische denkvaardigheden en persoonlijke ontwikkeling. Bijvoorbeeld: De leerling kan herkennen wat de relevantie is van de bestudeerde literaire werken in zijn/haar eigen sociale en culturele context.  
 

Persoonlijke leeservaringen met literaire teksten. Bijvoorbeeld: De leerling kan zijn/haar reactie op bepaalde personages of gebeurtenissen in literaire werken analyseren.
Ontwikkelen van een leessmaak. Bijvoorbeeld: De leerling kan zijn mening over bestudeerde literaire genres motiveren. Kritische denkvaardigheden en persoonlijke ontwikkeling. Bijvoorbeeld: De leerling kan uitleggen wat de relevantie is van de bestudeerde literaire werken in zijn/haar eigen sociale en culturele context.  
 

MVT/Domein E Literatuur
Taalgerichte benadering
De taalgerichte benadering richt zich op het gebruik van de taal in de literaire werken en de ontwikkeling van de taal bij leerlingen. Literaire teksten in een Moderne Vreemde Taal zijn een potentieel rijke bron van talige input voor leerlingen: het biedt leerlingen een grote variëteit aan authentieke en gecontextualiseerde taal die de ontwikkeling van de taalvaardigheid van leerlingen kan faciliteren (het zogenaamde ‘leeskilometers maken’). De focus op specifiek taalgebruik in de literaire teksten, zoals connotatie, figuurlijk taalgebruik, of woordvolgorde, zou kunnen leiden tot de ontwikkeling van een gevoel voor tekstuele coherentie en cohesie bij leerlingen. Daarnaast kunnen literaire teksten uitstekend gebruikt worden als daadwerkelijke inhoud van de taalvaardigheidslessen waarbij de focus het verbeteren van bijvoorbeeld de schrijfvaardigheid of spreekvaardigheid van de leerlingen is.
Grammatica en syntax. Bijvoorbeeld: De leerling kan beschrijven wat het verschil is tussen de zinsstructuur en het gebruik van interpunctie in gedichten en proza.
Woordenschat en idioom. Bijvoorbeeld: De leerling kan beschrijven wat het verschil is tussen de woordkeuze in een literair gedicht en een krachtenbericht.
Woordenschat en idioom. Bijvoorbeeld: De leerling kan beschrijven wat het verschil is tussen de woordkeuze in een literair gedicht en een krachtenbericht.
Taalvaardigheden (lezen, spreken, luisteren en schrijven). Bijvoorbeeld: (1) De leerling kan in een gesprek in de doeltaal zijn/haar mening geven over een gelezen literair werk (ERK niveau spreken B1). (2) De leerling kan een eenvoudige denkbeeldige biografie schrijven over een personage uit een gelezen literair werk.  (ERK niveau schrijven A2).  Historische ontwikkeling en varieteit van de taal. Bijvoorbeeld: De leerling kan identificeren wat het verschil is tussen varieteiten (b.v.accenten, dialecten) van de taal.   
 

Grammatica en syntax. Bijvoorbeeld: De leerling kan uitleggen wat het verschil is tussen de zinsstructuur en het gebruik van interpunctie in gedichten en proza.
Woordenschat en idioom. Bijvoorbeeld: De leerling kan beargumenteren wat het effect is van een bepaalde woordkeuze in literaire gedichten.
Taalvaardigheden (lezen, spreken, luisteren en schrijven). Bijvoorbeeld: (1) De leerling kan een literaire tekst in eigen woorden in de doeltaal samenvatten (ERK niveau lezen C1). (2) De leerling kan in de doeltaal een review over een gelezen literair werk schrijven (ERK niveau schrijven B2).
Historische ontwikkeling en varieteit van de taal. Bijvoorbeeld: De leerling kan uitleggen hoe bepaalde auteurs hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van de taal.   
 

MVT/Domein E Literatuur