helphelp

Exameneenheden

( )

ExameneenheidKenmerken van de taakuitvoeringDomeinen

NE/HV Domein B: Mondelinge taalvaardigheid
4. De kandidaat kan ten behoeve van een voordracht, discussie of debat (ter keuze van de school):
– relevante informatie verzamelen en verwerken;
– deze informatie adequaat presenteren met het oog op doel, publiek en gespreksvorm;
– adequaat reageren op bijdragen van luisteraars of gespreksdeelnemers.

NE/Domein B: Mondelinge Taalvaardigheid

Tekstsoort: debat, discussie Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstsoort: debat, discussie
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstoort: voordracht Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstoort: voordracht
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie
Mondelinge taalvaardigheid

NE/HV Domein D: Argumentatieve vaardigheden
6. De kandidaat kan een betoog:
– analyseren;
– beoordelen;
– zelf opzetten en presenteren, schriftelijk en mondeling.

NE/Domein D: Argumentatieve vaardigheden

Tekstsoort: debat, discussie Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstsoort: debat, discussie
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstoort: voordracht Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstoort: voordracht
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie verwerken, doel, publiek, interactie

Tekstkeuze: complexe informatieve beschouwende en betogende teksten uit kranten en tijdschriften waarvan de structuur niet altijd onmiddellijk duidelijk is Vakinhoud: tekstsoort, hoofdgedachte, tekstrelaties, intenties / opvattingen / gevoelens van sch

Tekstkeuze: complexe informatieve beschouwende en betogende teksten uit kranten en tijdschriften waarvan de structuur niet altijd onmiddellijk duidelijk is
 
 Vakinhoud: tekstsoort, hoofdgedachte, tekstrelaties, intenties / opvattingen / gevoelens van schrijver, standpunten, soorten argumenten, argumentatieschema's, aanvaardbaarheid van een betoog, drogredenen, beknopte samenvatting

Tekstsoort: gedocumenteerd(e) uiteenzetting, beschouwing, betoog Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie presenteren, doel, publiek, tekstconventies, reviseren

Tekstsoort: gedocumenteerd(e) uiteenzetting, beschouwing, betoog
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie presenteren, doel, publiek, tekstconventies, reviseren
 
 

Vakinhoud: standpunten en argumenten, objectieve en subjectieve argumenten, argumentatieschema's, aanvaardbaarheid van een betoog, drogredenen, documenteren ten behoeve van een betoog, betoog structureren, betoog mondeling presenteren, betoog schriftelijk

Vakinhoud: standpunten en argumenten, objectieve en subjectieve argumenten, argumentatieschema's, aanvaardbaarheid van een betoog, drogredenen, documenteren ten behoeve van een betoog, betoog structureren, betoog mondeling presenteren, betoog schriftelijk presenteren
Mondelinge taalvaardigheid
Leesvaardigheid
Schrijfvaardigheid
Argumentatieve vaardigheden

NE/HV Domein A: Leesvaardigheid
Subdomein A1: Analyseren en interpreteren
1. De kandidaat kan:
– vaststellen tot welke tekstsoort een tekst of tekstgedeelte behoort;
– de hoofdgedachte van een tekst(gedeelte) aangeven;
– relaties tussen delen van een tekst aangeven;
– conclusies trekken met betrekking tot intenties, opvattingen en gevoelens van de auteur;
– standpunten en soorten argumenten herkennen en onderscheiden;
– argumentatieschema’s herkennen.
Subdomein A2: Beoordelen
2. De kandidaat kan een betogende tekst of betogend tekstgedeelte op aanvaardbaarheid beoordelen en in deze tekst drogredenen herkennen.
Subdomein A3: Samenvatten
3. De kandidaat kan teksten en tekstgedeelten beknopt samenvatten.

NE/Domein A: Leesvaardigheid

Tekstkeuze: complexe informatieve beschouwende en betogende teksten uit kranten en tijdschriften waarvan de structuur niet altijd onmiddellijk duidelijk is Vakinhoud: tekstsoort, hoofdgedachte, tekstrelaties, intenties / opvattingen / gevoelens van sch

Tekstkeuze: complexe informatieve beschouwende en betogende teksten uit kranten en tijdschriften waarvan de structuur niet altijd onmiddellijk duidelijk is
 
 Vakinhoud: tekstsoort, hoofdgedachte, tekstrelaties, intenties / opvattingen / gevoelens van schrijver, standpunten, soorten argumenten, argumentatieschema's, aanvaardbaarheid van een betoog, drogredenen, beknopte samenvatting
Leesvaardigheid

NE/HV Domein E: Literatuur
Subdomein E1: Literaire ontwikkeling
7. De kandidaat kan beargumenteerd verslag uitbrengen van zijn leeservaringen met een aantal door hem geselecteerde literaire werken.
* Minimumaantal: havo 8; vwo 12 waarvan minimaal 3 voor 1880.
* De werken zijn oorspronkelijk geschreven in de Nederlandse taal.
Subdomein E2: Literaire begrippen
8. De kandidaat kan literaire tekstsoorten herkennen en onderscheiden, en literaire begrippen hanteren in de interpretatie van literaire teksten.
Subdomein E3: Literatuurgeschiedenis
9. De kandidaat kan een overzicht geven van de hoofdlijnen van de literatuurgeschiedenis, en de gelezen literaire werken plaatsen in dit historisch perspectief.

NE/Domein E: Literatuur

Vakinhoud: leeservaring, literaire tekstsoorten, literaire begrippen, literatuurgeschiedenis

Vakinhoud: leeservaring, literaire tekstsoorten, literaire begrippen, literatuurgeschiedenis
Leesvaardigheid

NE/HV Domein C: Schrijfvaardigheid
5. De kandidaat kan ten behoeve van een gedocumenteerde uiteenzetting, beschouwing en betoog:
– relevante informatie verzamelen en verwerken;
– deze informatie adequaat presenteren met het oog op doel, publiek, tekstsoort en conventies voor geschreven taal;
– concepten van de tekst reviseren op basis van geleverd commentaar.

NE/Domein C: Schrijfvaardigheid

Tekstsoort: gedocumenteerd(e) uiteenzetting, beschouwing, betoog Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie presenteren, doel, publiek, tekstconventies, reviseren

Tekstsoort: gedocumenteerd(e) uiteenzetting, beschouwing, betoog
 
 Vakinhoud: informatie verzamelen, informatie presenteren, doel, publiek, tekstconventies, reviseren
 
 
Schrijfvaardigheid