helphelp

Tussendoelen

Leergebied kunstzinnige oriëntatie ( po )

  • = CE
  • = Basis
  • = Verdiepende keuzestof
  • = SE
  • = Verbredende keuzestof
  • = SE Papieren versie CE Digitale versie [bij digitale versie mag deze eindterm ook nog op SE]
  • = CE [mag op SE]
  • = Varieert per bb/kb/gt-leerweg en varieert ook door de keuze voor papieren of digitaal examen. Zie Syllabus 2014.
  • = CE en SE
  • = K
  • = Kgv
Kijken en luisteren
Oriënteren & reflecteren
VaksubkernenInhoudenpokerndoelen
Openstellen voor verschillende uitingen van kunst en cultuur; Associaties en herinneringen koppelen aan eigen ervaringen; CommunicerenIdentiteit & Diversiteit; Kunst & Maatschappij; Kunst & Wetenschap; Tijd & Schoonheid
De leerling kan zich binnen de context van het thema of onderwerp openstellen voor  verschillende uitingen van kunst en cultuur.

De leerling kan daarop reageren met associaties en herinneringen aan eigen ervaringen.

De leerling kan daarover communiceren met anderen

PO 55, PO 56
Onderzoeken, analyseren, interpreteren en verslag doen
Onderzoeken & reflecteren
VaksubkernenInhoudenpokerndoelen
Brononderzoek doen en conclusies trekken; Betekenis geven en relateren aan vorm, functie en materialen/technieken; Experimenteren; Plan van aanpak maken; Criteria benoemen; Terugkijken en selecterenIdentiteit & Diversiteit; Kunst & Maatschappij; Kunst & Wetenschap; Tijd & Schoonheid
De leerling kan brononderzoek doen en vanuit dit onderzoek conclusies trekken die hij meeneemt in de uitvoerende fase

De leerling kan de betekenis die hij aan kunstuitingen geeft onderzoeken en een relatie leggen met de middelen die de maker heeft gebruikt, bijvoorbeeld beeld- of klankaspecten, spel- of danselementen, technieken en materialen.

De leerling kan experimenteren met technieken, materialen, verschillende media en nieuwe mogelijkheden uitproberen.

De leerling kan onderzoeken op welke manier hij de opdracht kan gaan uitvoeren en kan een uitvoeringsplan maken.

De leerling kan eigen criteria en de gegeven criteria van de opdracht benoemen.

De leerling kan teruggrijpen naar de informatie en ideeën opgedaan in de oriëntatiefase

PO 55, PO 56
Produceren en presenteren
Uitvoeren & reflecteren
VaksubkernenInhoudenpokerndoelen
Plannen uitvoeren en presenteren; Keuzes motiveren en relateren aan onderzoek; Criteria toepassen; Samenhang benoemenIdentiteit & Diversiteit; Kunst & Maatschappij; Kunst & Wetenschap; Tijd & Schoonheid
De leerling kan zijn plannen uitvoeren (met behulp van vakspecifieke kennis en vaardigheden) en de uitvoering presenteren (individueel of samen met anderen).

 
De leerling kan zijn keuzes motiveren en een relatie leggen met de onderzoeksfase

De leerling kan in het vormgevingsproces rekening houden met de gegeven en zijn eigen criteria

De leerling kan, daar waar relevant, samenhang benoemen tussen een beeld, dans, spel of muziek en/of andere vakken.

PO 55
Reflecteren en evalueren
Evalueren & reflecteren
VaksubkernenInhoudenpokerndoelen
Evalueren van werkproces; Waarderen van (eigen) product en proces; Waardering beargumenteren; Eigen werk (product en proces) relateren aan het werk van kunstenaars; Inzicht in culturele identiteit en erfgoedIdentiteit & Diversiteit; Kunst & Maatschappij; Kunst & Wetenschap; Tijd & Schoonheid
De leerling kan vertellen over het verloop van het werkproces.

De leerling kan zijn waardering geven aan het eigen product en werkproces en dat van anderen.

De leerling kan deze waardering beargumenteren en maakt daarbij gebruik van  kennis en inzicht in verschillende uitingen van kunst en cultuur.

De leerling kan oplossingen in het eigen werk vergelijken met die van kunstenaars.

De leerling kan laten zien dat hij enige kennis en inzicht in de betekenis die  kunst en cultuur, voor het dagelijkse leven van mensen van vroeger en nu, heeft.

PO 55