helphelp

Tussendoelen

Digitale geletterdheid ( Fase 1 Fase 2 Fase 3 Fase 4 )

​SLO is in opdracht van OCW bezig met het uitwerken van het ontwikkelen van leerlijnen van po tot en met vo voor digitale geletterdheid, ICT basisvaardigheden, informatievaardigheden, computational thinking en mediawijsheid. Komend jaar wordt samen met verschillende instellingen zoals scholen, ontwikkelaars, uitgevers de leerlijnen verder ontwikkelt op basis van eerste concepten van de voorbeeldmatig leerplankaders digitale geletterdheid http://curriculumvandetoekomst.slo.nl/paginas/zoek-resultaten.aspx?k=Voorbeeldmatig%20leerplankader#k=Voorbeeldmatig%20leerplankader%20digitale%20geletterdheid. In de leerplankaders wordt al aangegeven wat de inhouden en beoogde doelen zijn voor funderend onderwijs, maar geven ook richting aan de competenties voor docenten om onderwijs te kunnen verzorgen. De uitwerkingen zijn daarom ook voorgelegd aan uitgevers en docentenopleidingen. Het leerplankader is voorbeeldmatig, maar wel het uitgangspunt van OCW om mee verder te gaan in de toekomst in curriculumontwikkeling met scholen.

Op dit moment zijn dit de eerste versies van digitale geletterdheid waar we graag feedback op ontvangen. De leerlijnen zijn bedoeld als richtinggevend en voorbeeldmatig en moeten scholen, uitgevers en ontwikkelaars helpen om onderwijs vorm te geven. We horen graag waar knelpunten of onduidelijkheden zitten en hoe we de uitwerkingen zouden kunnen verbeteren.
De leerlijnen zijn afgeleid van de doelen voor funderend onderwijs http://curriculumvandetoekomst.slo.nl/21e-eeuwse-vaardigheden/digitale-geletterdheid. Op basis van deze uitwerkingen worden komend jaar ook leermiddelen, activiteiten verzameld die scholen kunnen gebruiken, een deel staat ook al op de website.
 
  • = CE
  • = Basis
  • = Verdiepende keuzestof
  • = SE
  • = Verbredende keuzestof
  • = SE Papieren versie CE Digitale versie [bij digitale versie mag deze eindterm ook nog op SE]
  • = CE [mag op SE]
  • = Varieert per bb/kb/gt-leerweg en varieert ook door de keuze voor papieren of digitaal examen. Zie Syllabus 2014.
  • = CE en SE
  • = K
  • = Kgv
ICT-(basisvaardigheden)
VaksubkernenInhoudenFase 1Fase 2Fase 3Fase 4kerndoelen
Basisbegrippen ICT
spelenderwijs kennis maken met de onderdelen van een computer/tablet

delen van ervaringen met computergebruik in de eigen omgeving

kennis maken met verschillende manieren om een computer te bedienen

bekijken van de inrichting van een toetsenbord (letters, cijfers, tekens en speciale toetsen)

beseffen dat in veel apparaten computers voorkomen

bekend zijn met onderdelen van een computer en geavanceerde randapparatuur

bekend zijn met de betekenis van een aantal standaard computerhandelingen (zoals Opstarten, Afsluiten, Openen, Opslaan, Sluiten, Bestanden, Documenten)

kennis hebben van de werking van bekende invoerapparaten en de gevolgen op het beeldscherm

ervaren dat een muisaanwijzer verschillende vormen kan aannemen en dat dit bepaalt wat je in dat schermgebied kunt doen

onderscheid maken tussen de  muisaanwijzer en de tekstcursor op het scherm in tekstverwerkingsprogramma's

begrijpen wat enkele veelgebruikte functietoetsen doen (zoals Home, End, Page Up, Page Down, Delete, Backspace, Escape)

bekend zijn met de indeling van het alfanumerieke deel van het toetsenbord

bekend zijn met mogelijke functies van een computer: rekenen, archiveren, representeren en spelen

een beeld kunnen vormen van voorkomende termen in relatie tot computer (zoals netwerk, wifi, router, modem, cloud)

onderzoeken en inventariseren van apparaten waar een 'computer' in zit

Kan basisbegrippen en functies van computers en computernetwerken benoemen

Kan onderdelen van een computer benoemen

Kan de werking van een computer uitleggen en de relatie met een programma omschrijven

Kan onderdelen van een computernetwerk benoemen

Kan basisbegrippen en functies van computers en computernetwerken benoemen

Kan onderdelen van een computer benoemen

Kan de werking van een computer uitleggen en de relatie met een programma omschrijven

Kan onderdelen van een computernetwerk benoemen

Kan basisbegrippen en functies van computers en computernetwerken benoemen

Kan onderdelen van een computer benoemen

Kan de werking van een computer uitleggen en de relatie met een programma omschrijven

Kan onderdelen van een computernetwerk benoemen

VO 00
Infrastructuur technologie
herkennen van verschillende digitale apparaten

beseffen dat veel verschillende apparaten (speelgoed) een computer bevatten

vertellen over thuiservaringen met (spel-)computer en tablet

in aanraking komen met verschillende media en apparaten en deze inzetten in de eigen belevingswereld

begrip hebben van de bedieningslogica van apparaten

beschrijven van voorbeelden van computergebruik op school, thuis en in de eigen omgeving (bijv. winkel)

beseffen dat het internet wordt gevormd door ontelbare aan elkaar gekoppelde computers

beseffen dat er verschillende typen bedrade en draadloze netwerken

beseffen dat internetgebruik en het gebruik van mobiele netwerken niet gratis is

herkennen van de functionaliteiten van apparaten en keuzes maken in het gebruik van media en apparaten

Kan apparaten aansluiten, bedienen en onderdelen benoemen

Kan afhankelijkheden in de infrastructuur uitleggen en de relatie tussen onderdelen benoemen

Kan financiële consequenties van het gebruik van technische infrastructuur inschatten

Kan uitleggen waar eigen informatie is opgeslagen is en hoe deze toegankelijk is

Kan verschillende interactievormen gebruiken om apparaten en programma's bedienen

Kent verschillende vormen van menu's en kan verschillende navigatievormen

Kan publieke relevante bruikbare informatie ontsluiten en delen

Kan persoonlijke informatie lokaal en op afstand bewaren, ordenen, ontsluiten en delen

Kan apparaten aansluiten, bedienen en onderdelen benoemen

Kan afhankelijkheden in de infrastructuur uitleggen en de relatie tussen onderdelen benoemen

Kan financiële consequenties van het gebruik van technische infrastructuur inschatten

Kan uitleggen waar eigen informatie is opgeslagen is en hoe deze toegankelijk is

Kan verschillende interactievormen gebruiken om apparaten en programma's bedienen

Kent verschillende vormen van menu's en kan verschillende navigatievormen

Kan publieke relevante bruikbare informatie ontsluiten en delen

Kan persoonlijke informatie lokaal en op afstand bewaren, ordenen, ontsluiten en delen

Kan apparaten aansluiten, bedienen en onderdelen benoemen

Kan afhankelijkheden in de infrastructuur uitleggen en de relatie tussen onderdelen benoemen

Kan financiële consequenties van het gebruik van technische infrastructuur inschatten

Kan uitleggen waar eigen informatie is opgeslagen is en hoe deze toegankelijk is

Kan verschillende interactievormen gebruiken om apparaten en programma's bedienen

Kent verschillende vormen van menu's en kan verschillende navigatievormen

Kan publieke relevante bruikbare informatie ontsluiten en delen

Kan persoonlijke informatie lokaal en op afstand bewaren, ordenen, ontsluiten en delen

VO 00
Standaardtoepassingen
ervaring opdoen met eenvoudige bewerkingsprogramma's voor tekst

gebruiken van eenvoudige communicatieprogramma's

gebruiken van basisfunctionaliteiten van een internetbrowser

gebruiken van een tekstverwerkingsprogramma voor het schrijven van teksten

gebruiken van een internetbrowser voor het bekijken van websites en werken met online educatieve programma's

bekend zijn met verschillende kantoortoepassingen en communicatieprogramma's  en de basisfunctionaliteit van deze programma's

kiezen van een geschikt programma dat bij het gebruiksdoel past

gebruiken van een communicatieprogramma om berichten te delen met anderen

afdrukken van documenten of andere bestanden in het gebruikte programma

gebruiken van websites bij het zoeken naar informatie

communiceren met anderen via e-mail of ander communicatieprogramma/app

op eigen initiatief inzetten van geschikte toepassingen bij het leerproces

onderzoeken van verschillende opbouw van websites

ontdekken van gevorderde functionaliteit in verschillende standaardtoepassingen

Kan efficiënt en effectief een tekstverwerker gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor opmaak

Kan efficiënt en effectief een spreadsheet en database gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor gegevens ordenen en berekenen

Kan efficiënt en effectief beeldbewerking software waaronder video's en foto's gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor weergave

Kan efficiënt en effectief communicatiesoftware waaronder email en video gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor samenwerking

Kan online betalingsverkeer regelen en kan op basis van vuistregels een passende vorm van online betaling kiezen

Kan internettoepassingen effectief en efficiënt gebruiken zoals browser en e-mail

Relevante informatie zoeken, selecteren, interpreteren en vergelijken

Kan efficiënt en effectief een tekstverwerker gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor opmaak

Kan efficiënt en effectief een spreadsheet en database gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor gegevens ordenen en berekenen

Kan efficiënt en effectief beeldbewerking software waaronder video's en foto's gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor weergave

Kan efficiënt en effectief communicatiesoftware waaronder email en video gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor samenwerking

Kan online betalingsverkeer regelen en kan op basis van vuistregels een passende vorm van online betaling kiezen

Kan internettoepassingen effectief en efficiënt gebruiken zoals browser en e-mail

Relevante informatie zoeken, selecteren, interpreteren en vergelijken

Kan efficiënt en effectief een tekstverwerker gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor opmaak

Kan efficiënt en effectief een spreadsheet en database gebruiken met op basis van vooropgestelde criteria voor gegevens ordenen en berekenen

Kan efficiënt en effectief beeldbewerking software waaronder video's en foto's gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor weergave

Kan efficiënt en effectief communicatiesoftware waaronder email en video gebruiken op basis van vooropgestelde criteria voor samenwerking

Kan online betalingsverkeer regelen en kan op basis van vuistregels een passende vorm van online betaling kiezen

Kan internettoepassingen effectief en efficiënt gebruiken zoals browser en e-mail

Relevante informatie zoeken, selecteren, interpreteren en vergelijken

VO 00
Creëren en publiceren van media
gebruiken van eenvoudige tekenprogramma's

maken van foto's en video's met een camera

maken van audio-opnames met een daarvoor geschikt digitaal apparaat

bewerken van afbeeldingen in eenvoudige daartoe geschikte programma's

kiezen van een geschikte (standaard)toepassing voor het creëren van 'content'

opnemen van videoscenes met een camera

bewerken van foto of video-opnames met geschikte bewerkingsprogramma's

aandacht hebben voor visuele en grafische vormgeving van de 'content'

delen van eigen 'content' op bekende en in gebruik zijnde communicatiemedia

opmaken van teksten en pagina's in een tekstverwerker

opnemen van scenes met een camera en deze monteren tot een videofilmpje (bijv. instructievideo's voor andere groepen)

publiceren van eigen 'content' via het meest geschikte medium voor het bepaalde doel

realiseren van een presentatie en daarvoor verzamelen en creëren van de benodigde 'content'

ontwerpen en realiseren van 'content' voor verschillende doelen (bijv. informeren, reclame maken, waarschuwen, beoordelen)

gebruiken van internet voor de publicatie van informatie (website, blog, etc.)

n.v.t.PO 00
Veiligheidn.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan de relatie tussen accounts, privacy en persoonlijke informatie aangeven

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

Kan de relatie tussen accounts, privacy en persoonlijke informatie aangeven

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

Kan de relatie tussen accounts, privacy en persoonlijke informatie aangeven

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

VO 00
Informatievaardigheden
VaksubkernenInhoudenFase 1Fase 2Fase 3Fase 4kerndoelen
Probleemstelling formuleren
vertellen wat over het onderwerp bekend is

bedenken van vragen

nagaan wat je al weet over het onderwerp

afbakenen van het onderwerp

opstellen van een passende informatievraag

oriënteren op verschillende soorten vragen (bijv. open/gesloten)

formuleren van een informatievraag vanuit een informatiebehoefte

formuleren van deelvragen in relatie tot de informatievraag

Kan in een gegeven situatie formuleren wat het probleem is.

Kan bij een probleem opschrijven wat de onderzoeksvraag is en deelvragen zijn en welke informatie nodig is om deze vragen te kunnen beantwoorden

Kan in een gegeven situatie formuleren wat het probleem is.

Kan bij een probleem opschrijven wat de onderzoeksvraag is en deelvragen zijn en welke informatie nodig is om deze vragen te kunnen beantwoorden

Kan in een gegeven situatie formuleren wat het probleem is.

Kan bij een probleem opschrijven wat de onderzoeksvraag is en deelvragen zijn en welke informatie nodig is om deze vragen te kunnen beantwoorden

VO 00
Strategieën om te zoeken
noemen van bronnen waar informatie te vinden is

bepalen van bruikbare zoektermen

vaststellen van bronnen waar bruikbare informatie te vinden is

inschatten van de aard van informatiebronnen

kiezen van een passend medium bij verschillende informatiebehoeften

combineren van meerdere informatiebronnen

bepalen van bronnen waarin bruikbare informatie te vinden is

omzetten van zoekopdrachten in trefwoorden

combineren van meerdere zoektermen

Kan inventariseren welke bronnen beschikbaar zijn en waar deze te vinden zijn

Kan bronnen selecteren die in de gevraagde informatie kunnen voorzien

Kan inventariseren welke bronnen beschikbaar zijn en waar deze te vinden zijn

Kan bronnen selecteren die in de gevraagde informatie kunnen voorzien

Kan inventariseren welke bronnen beschikbaar zijn en waar deze te vinden zijn

Kan bronnen selecteren die in de gevraagde informatie kunnen voorzien

VO 00
Gebruik van informatie
verzamelen van informatie uit een bron

beoordelen of gevonden informatie voldoet

verzamelen van informatie uit een bron en daaruit een selectie maken

vergelijken van informatie uit enkele bronnen

beoordelen of de verkregen informatie bruikbaar en representatief is

verzamelen van informatie met behulp van de gekozen zoekstrategie

beoordelen of de verworven informatie bruikbaar, betrouwbaar en representatief is

schakelen tussen meerdere informatiebronnen om informatie te vergelijken

Kan in bronnen markeren wat de gevraagde informatie is

Kan relevante informatie uit bronnen selecteren, daarbij lettend op de bruikbaarheid en betrouwbaarheid van de bronnen.

Kan in bronnen markeren wat de gevraagde informatie is

Kan relevante informatie uit bronnen selecteren, daarbij lettend op de bruikbaarheid en betrouwbaarheid van de bronnen.

Kan in bronnen markeren wat de gevraagde informatie is

Kan relevante informatie uit bronnen selecteren, daarbij lettend op de bruikbaarheid en betrouwbaarheid van de bronnen.

VO 00
Verwerken van informatie
verwerken van de gevonden informatie

beschrijven van gebruikte bronnen

verwoorden van een antwoord met behulp van de gevonden resultaten

verbinden van de gevonden informatie met wat al over het onderwerp bekend is

beantwoorden van de informatievraag

opstellen van lijst met gebruikte bronnen

samenvoegen van informatie uit verschillende bronnen

formuleren van een antwoord op de informatievraag op basis van verkregen informatie

opstellen van een lijst met gebruikte bronnen

Kan informatie verwerken en combineren tot de gevraagde informatie, meestal in de vorm van een samenvatting, tabellen, grafieken, schema's of anderszins

Kan informatie verwerken en combineren tot de gevraagde informatie, meestal in de vorm van een samenvatting, tabellen, grafieken, schema's of anderszins

Kan informatie verwerken en combineren tot de gevraagde informatie, meestal in de vorm van een samenvatting, tabellen, grafieken, schema's of anderszins

VO 00
Presenteren van informatie
presenteren van de gevonden informatie (bijv. in een tekening)

presenteren van het antwoord op een vooraf bepaalde manier

presenteren van het antwoord op een vooraf bepaalde manier

Kan een passende presentatievorm kiezen

Kan de resultaten van het onderzoek presenteren met een goede bronvermelding

Kan een passende presentatievorm kiezen

Kan de resultaten van het onderzoek presenteren met een goede bronvermelding

Kan een passende presentatievorm kiezen

Kan de resultaten van het onderzoek presenteren met een goede bronvermelding

VO 00
Evalueren en beoordelen van informatie
terugblikken op het proces 'van vraag naar antwoord' en daarover vertellen

bespreken van de kwaliteit van het antwoord op de informatievraag

evalueren aan de hand van concrete vragen, hoe het proces van informatieverwerving is doorlopen

beoordelen van het product (antwoord) aan de hand van criteria

evalueren van het proces van informatieverwerving (evt. aan de hand van een vooraf opgesteld format)

Kan het product beoordelen op bruikbaarheid en betrouwbaarheid

Kan sterke en zwakke punten opsommen en aangeven wat hij nog zou moeten leren

Kan het product beoordelen op bruikbaarheid en betrouwbaarheid

Kan sterke en zwakke punten opsommen en aangeven wat hij nog zou moeten leren

Kan het product beoordelen op bruikbaarheid en betrouwbaarheid

Kan sterke en zwakke punten opsommen en aangeven wat hij nog zou moeten leren

VO 00
Mediawijsheid
VaksubkernenInhoudenFase 1Fase 2Fase 3Fase 4kerndoelen
Medialisering van de samenleving
kennismaken met verschillende media en de verschillen herkennen

kennismaken met verschillende mediadragers c.q. apparaten

ervaren dat de leefwereld doordrongen is van audiovisuele boodschappen

ervaren van verschillende functies van diverse media (krant, tijdschrift, radio, tv, www)

herkennen of een mediaboodschap commercieel, informerend of amuserend is

praten over reclames en de rol ervan

bewust worden van de invloed van media op wat je ergens van vindt

herkennen van verschillen tussen media

beseffen en inzien van de relatie tussen mediaboodschap en mediadrager

ervaren en bewust worden dat media intensief gebruikt

beseffen dat media steeds veranderen

herkennen van primaire doelstellingen van commerciële, informerende, amuserende en meningsvormende boodschappen in diverse media (krant, tijdschrift, radio, tv, www)

verkennen van de boodschap in verschillende media-uitingen

ervaren dat mediaboodschappen vaak een format hebben (bijv. op tv: journaal of entertainmentprogramma)

verkennen van de mediaboodschap in verschillende bronnen

ervaren wat de invloed is van mediaboodschappen op de mening van mensen

onderzoeken en vergelijken van de betrouwbaarheid van een mediaboodschap

reflecteren over het waarheidsgehalte van een mediaboodschap

uitleggen hoe reclames inspelen op voorkeuren en koopgedrag

vormen van een mening over reclame

beseffen van het belang van digitale technologie op allerlei terreinen in onze huidige samenleving

bewust worden van het belang van (persoonlijke) mediavaardigheid

ervaren dat media overal aanwezig zijn in de leefwereld van mensen

herkennen van de impact van mediagebruik op het menselijk bestaan

onderzoeken en ervaren hoe mensen met media omgaan

onderzoeken van de functie van commerciële, informerende, amuserende en meningsvormende boodschappen in diverse media (krant, tijdschrift, radio, tv, www)

onderzoeken van formats van commerciële, informerende en amuserende boodschappen in diverse media

herkennen of een mediaboodschap 'gekleurd' is

herkennen of mediaboodschappen vooroordelen en rolpatronen bevestigen en versterken

kritisch nadenken over de betrouwbaarheid van een mediaboodschap

onderzoeken dat mediaboodschappen op verschillende manieren verpakt kunnen worden

reflecteren op de beïnvloeding van de eigen mening door media(-boodschappen)

onderzoeken hoe te reageren op ontvangen mediaboodschappen (weerbaar worden i.p.v. je te laten verleiden)

Kan de relatie tussen eigen positie en de invloed van de media in de samenleving beschrijven

Kan de betekenis van media en beeldvorming door media beschrijven

Kan de invloed van de media op overheid, beleid, maatschappij en cultuur aan de hand van voorbeelden uitleggen

Kan de rol medialisering betrekken op eigen gedrag en dat van de samenleving uitleggen

Kan de relatie tussen eigen positie en de invloed van de media in de samenleving beschrijven

Kan de betekenis van media en beeldvorming door media beschrijven

Kan de invloed van de media op overheid, beleid, maatschappij en cultuur aan de hand van voorbeelden uitleggen

Kan de rol medialisering betrekken op eigen gedrag en dat van de samenleving uitleggen

Kan de relatie tussen eigen positie en de invloed van de media in de samenleving beschrijven

Kan de betekenis van media en beeldvorming door media beschrijven

Kan de invloed van de media op overheid, beleid, maatschappij en cultuur aan de hand van voorbeelden uitleggen

Kan de rol medialisering betrekken op eigen gedrag en dat van de samenleving uitleggen

Media, identiteit en participatie
ervaren van de mogelijkheden van digitale middelen om samen te werken

in aanraking komen met de mogelijkheden om te communiceren en samen te werken via sociale en digitale netwerken

exploreren op internet in een beveiligde omgeving

bewust worden van de mogelijkheden van digitale middelen voor contact met anderen

vertellen over eigen mediagebruik

kennis nemen van verschillende sociale netwerken

begrijpen wat de functie en werking (o.a. impact) van sociale netwerken is

beseffen van het belang van zorgvuldig handelen op sociale netwerken

beseffen van het belang van zorgvuldig handelen bij het surfen op internet

herkennen van en omgaan met ongewone en ongewenste informatie en weten met wie dit te bespreken is

bespreken van risico's van het delen van persoonlijke informatie op media en sociale netwerken

bewust worden van het eigen mediagebruik en dat van anderen (bijv. type, duur en frequentie)

begrijpen en ervaren dat media toepasbaar zijn in het leren en verwerven van kennis

aangeven van de relatie tussen mediagebruik en bijvoorbeeld tijd voor andere hobby's, tijd voor school, kennis van nieuws, etc.

bewust worden van het belang van een veilig profiel op sociale netwerken

beseffen van het belang van veiligheid bij deelnemen aan sociale netwerken

verwoorden van voor- en nadelen van het participeren aan sociale netwerken

ontdekken en ervaren van de mogelijkheden van sociale netwerken t.b.v. het delen van informatie

herkennen van en omgaan met ongewenste communicatie (bijv. flaming)

realiseren wanneer informatie ongewenst of schokkend is én weten met wie dit te bespreken is (vertrouwenspersoon)

begrijpen van mediamechanismen die verleiden om steeds verder te lezen, kijken, klikken of spelen

ontwikkelen van strategieën om optimaal met media om te gaan

bewust worden van de rol van media in het eigen leven

beseffen van de invloed van de eigen mediaconsumptie op de eigen levensstijl en de eigen kijk op de wereld

beseffen van het eigen patroon van mediagebruik

zicht hebben op risico's van verslaving en asociaal gedrag

Kan de relatie tussen media, identiteit en privacy uitleggen aan de hand van voorbeelden

Kan in sociale netwerken participeren door informatie te selecteren en bewust informatie te delen in groepen of met individuen

Kan eigen veiligheid en dat van anderen te respecteren en kan aan de hand van voorbeelden uitleggen wat gevolgen kunnen zijn van misbruik

Kan privacy aspecten benoemen en beschrijven hoe eigen privacy en dat van anderen bewaakt kan worden

Kan gevolgen van privacy misbruik omschrijven aan de hand van voorbeelden

Kan de impact van wereldwijd publiceren aangeven en gevaren en consequenties benoemen

Kan misbruik van privacy benoemen

Kent de commerciële motieven van sociale netwerken

Kan de relatie tussen media, identiteit en privacy uitleggen aan de hand van voorbeelden

Kan in sociale netwerken participeren door informatie te selecteren en bewust informatie te delen in groepen of met individuen

Kan eigen veiligheid en dat van anderen te respecteren en kan aan de hand van voorbeelden uitleggen wat gevolgen kunnen zijn van misbruik

Kan privacy aspecten benoemen en beschrijven hoe eigen privacy en dat van anderen bewaakt kan worden

Kan gevolgen van privacy misbruik omschrijven aan de hand van voorbeelden

Kan de impact van wereldwijd publiceren aangeven en gevaren en consequenties benoemen

Kan misbruik van privacy benoemen

Kent de commerciële motieven van sociale netwerken

Kan de relatie tussen media, identiteit en privacy uitleggen aan de hand van voorbeelden

Kan in sociale netwerken participeren door informatie te selecteren en bewust informatie te delen in groepen of met individuen

Kan eigen veiligheid en dat van anderen te respecteren en kan aan de hand van voorbeelden uitleggen wat gevolgen kunnen zijn van misbruik

Kan privacy aspecten benoemen en beschrijven hoe eigen privacy en dat van anderen bewaakt kan worden

Kan gevolgen van privacy misbruik omschrijven aan de hand van voorbeelden

Kan de impact van wereldwijd publiceren aangeven en gevaren en consequenties benoemen

Kan misbruik van privacy benoemen

Kent de commerciële motieven van sociale netwerken

Creëren en publiceren van median.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan media produceren met behulp van desktop of mobiele apparaten

Kan het gebruik van media uitleggen

Kan het tot stand komen van media uitleggen

Kan de rol van media het proces van politieke besluitvorming beïnvloeden omschrijven

Kan de realisatie van doelen met media beschrijven

Kan zelf de werkelijkheid manipuleren in de media

Kan zelf media produceren en publiceren via internet

Kent de motieven zoals commercie, vermaak, veiligheid en gezondheid van mediagebruik

Kan media produceren met behulp van desktop of mobiele apparaten

Kan het gebruik van media uitleggen

Kan het tot stand komen van media uitleggen

Kan de rol van media het proces van politieke besluitvorming beïnvloeden omschrijven

Kan de realisatie van doelen met media beschrijven

Kan zelf de werkelijkheid manipuleren in de media

Kan zelf media produceren en publiceren via internet

Kent de motieven zoals commercie, vermaak, veiligheid en gezondheid van mediagebruik

Kan media produceren met behulp van desktop of mobiele apparaten

Kan het gebruik van media uitleggen

Kan het tot stand komen van media uitleggen

Kan de rol van media het proces van politieke besluitvorming beïnvloeden omschrijven

Kan de realisatie van doelen met media beschrijven

Kan zelf de werkelijkheid manipuleren in de media

Kan zelf media produceren en publiceren via internet

Kent de motieven zoals commercie, vermaak, veiligheid en gezondheid van mediagebruik

Media en beeldvormingn.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan de rol van de media en de invloed op de media aangeven

Kan het kleuren van de werkelijkheid met media beschrijven

Kan de rol die de verschillende media vervullen in beeldvorming en beïnvloeding herkennen

Kan de overdracht van normen en waarden door media en commercie beschrijven

Kan de beïnvloeding door media in gedrag en houding onderzoeken en analyseren

Kan fictie en werkelijkheid in de media onderscheiden

Kan de rol van de media en de invloed op de media aangeven

Kan het kleuren van de werkelijkheid met media beschrijven

Kan de rol die de verschillende media vervullen in beeldvorming en beïnvloeding herkennen

Kan de overdracht van normen en waarden door media en commercie beschrijven

Kan de beïnvloeding door media in gedrag en houding onderzoeken en analyseren

Kan fictie en werkelijkheid in de media onderscheiden

Kan de rol van de media en de invloed op de media aangeven

Kan het kleuren van de werkelijkheid met media beschrijven

Kan de rol die de verschillende media vervullen in beeldvorming en beïnvloeding herkennen

Kan de overdracht van normen en waarden door media en commercie beschrijven

Kan de beïnvloeding door media in gedrag en houding onderzoeken en analyseren

Kan fictie en werkelijkheid in de media onderscheiden

Media, ICT-(basis)vaardigheden en informatievaardighedenn.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan verschillende media gebruiken om informatie te ontsluiten en informatie te delen

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

Kan verschillende media gebruiken om informatie te ontsluiten en informatie te delen

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

Kan verschillende media gebruiken om informatie te ontsluiten en informatie te delen

Kan eigen beveiligings- en privacy en voor anderen benoemen

Kan op basis van vuistregels eigen veiligheid rondom betalingsverkeer inschatten

Heeft een kritische houding ten opzichte van individuele informatie bronnen

Beoordeeld of informatie logisch, consistent en realistisch is

Beoordeeld representatie van gegevens op consistentie

Computational thinking
VaksubkernenInhoudenFase 1Fase 2Fase 3Fase 4kerndoelen
Problemen (her)formuleren
praten met elkaar over hoe 'problemen' opgelost worden met een computer

praten met elkaar hoe een probleem opgelost kan worden met een computer

verkennen van de mogelijkheden om problemen op te lossen met een computer

praten over genomen beslissingen en gevonden oplossingen (bijv. Wat is de meerwaarde van de computer geweest?)

formuleren van problemen op een manier die ons in staat stelt om een computer te gebruiken en andere hulpmiddelen om deze problemen op te lossen

verkennen of een probleem opgelost kan worden met een computer

terugblikken op de genomen beslissingen en de gevonden oplossingen (bijv. Wat is de meerwaarde van de computer geweest?)

formuleren van problemen op een manier die ons in staat stelt om een computer te gebruiken en andere hulpmiddelen om deze problemen op te lossen

verkennen of een probleem opgelost kan worden met een computer

reflecteren op de genomen beslissingen/stappen en de gevonden oplossingen (bijv. Wat is de meerwaarde van de computer geweest?)

n.v.t.PO 00
Gegevens analyseren
realiseren wat een eenvoudig patroon is

herkennen van voornamelijk visuele patronen (in dans, muziek en afbeeldingen)

voortzetten en maken van patronen in concrete situaties

ordenen van voorwerpen op één of meer zichtbare (of onzichtbare) eigenschappen

onderzoeken en herkennen van patronen zoals in vorm, kleur en model in concrete situaties

herkennen van patronen in formeel abstracte representaties van de werkelijkheid

beoordelen van (zoek-)resultaten op het voorkomen van patronen

onderzoeken van de aanwezigheid van patronen in concreet formele en formeel abstracte situaties

herkennen en beschrijven van patronen in abstracte situaties (bijv. cijferreeksen)

ervaren van specifieke representaties van gegevens, verklaren en ontcijferen van deze verbanden (bijv. geheimschrift, morse, logische en verklaarbare cycli in natuur en techniek)

ontdekken van te vereenvoudigen patronen

n.v.t.PO 00
Gegevens visualiseren
weergeven van verzamelde gegevens in een eenvoudige visuele representatie

weergeven van verzamelde gegevens in passende grafieken, lijsten, teksten en plaatjes

bepalen van een passende gegevensrepresentatievorm bij een situatie

weergeven van verzamelde gegevens in passende kaart, tabel of grafiek en hieruit conclusies trekken omtrent een situatie

geschikt maken van verschillende soorten gegevens voor gebruik met de computer (bijv. binaire codes)

n.v.t.PO 00
Probleem decompositie
opdelen van een eenvoudige taak in deeltaken

plaatsen van (deel-)opdrachten in een logische volgorde

benoemen van onderdelen van een voorwerp als delen van een groter geheel (bijv. bij een vliegtuig of plant)

opdelen van een taak in enkele deeltaken

opdelen van een concreet probleem in enkele deelproblemen

plaatsen van deelopdrachten in een logische volgorde

opdelen van een proces in verschillende stappen en waar mogelijk elke stap weer in deelstappen

opdelen van een grotere en meer complexe taak in een aantal deeltaken (bijv. bij een zaakvak, werkstuk, regie van film of lesstof)

omzetten van een concreet probleem in een passende visuele weergave (bijv. stappenschema)

uitwerken van deelopdrachten en de opbrengsten samenstellen tot een eindproduct

checken of geen belangrijk deel gemist of vergeten wordt bij het uitvoeren van deelopdrachten

Kan een taak opdelen in kleinere taken

Kan een lange lijst met opdrachten opdelen in subcategorieën

Kan een aantal taken combineren tot één taak

VO 00
Automatisering
herkennen van de herhaling van taken in verschillende situaties

beseffen dat een computer een taak eindeloos kan herhalen (bijv. in oefeningen)

herkennen van voorbeelden van terugkerende taken waarvoor een computer wordt ingezet

vergelijken van resultaten van handelingen die handmatig of door apparaten zijn uitgevoerd

voorbeelden geven van geautomatiseerde systemen in het dagelijkse leven

analyseren van een taak en hier een repeterende deeltaak of deeltaken uithalen waarbij een computer behulpzaam kan zijn

onderzoeken op welke manier (een onderdeel van) een computerprogramma  kan ondersteunen bij een telkens terugkerende taak of handeling

benoemen van voor en nadelen van het geautomatiseerd uitvoeren van taken

n.v.t.PO 00
Algoritmes en procedures
op volgorde zetten van instructies of regels (als basis van een sequentieel algoritme)

begrijpen dat bepaalde reeksen een logische ordening kennen

uitvoeren van een taak door stap voor stap een reeks handelingen uit te voeren

opvolgen van logische reeksen van instructies (zowel sequentieel als herhalend)

geven van een reeks instructies aan een ander (mondeling of via symbolen) voor het uitvoeren van een bepaalde taak

uit een reeks halen van een foute stap of instructie en deze vervangen door een juiste

voorspellen van gedrag bij de werking van simpele (computer-)programma's door logisch te redeneren

plaatsen van (deel-)opdrachten in een logische volgorde

kennismaken met de betekenis van het begrip 'algoritme'

ervaren dat een algoritme een lijst van instructies is die leidt tot een bepaald resultaat

ervaren dat de situatie bepaalt of een algoritme bruikbaar is

begrijpen dat computerprogramma's iets uitvoeren door het volgen van precieze en ondubbelzinnige instructies

maken van een simpel algoritme in een concrete situatie met een vaste van te voren bepaalde set instructies

ervaren hoe complex het is om echte problemen op te lossen door middel van algoritmes als basis voor een programma

representeren en communiceren van een algoritme door middel van codes en symbolen

onderzoeken van een reeks instructies of regels en oplossen van mogelijke fouten in deze reeks

gebruik maken van een 'als-dan' constructie bij het beschrijven van stappen in een proces

creëren van eenvoudige reeksen van instructies die leiden tot een bepaald doel

maken van een herbruikbaar algoritme voor een probleem

beoordelen van verschillende algoritmes op werking en bruikbaarheid in een bepaalde situatie

oplossen van een probleem door het formuleren van een eigen set instructies

identificeren van algoritmes als procedures bij rekenen en taal

verklaren van de werking van eenvoudige algoritmes door logisch redeneren

ontdekken van fouten in algoritmes door logisch te redeneren en verbeteren hiervan (debugging)

opdoen van praktische ervaring met een programmeeromgeving (software)

beschrijven van een herhalingslus met een vast aantal herhalingen

verbinden van het begrip 'algoritme' aan alledaagse situaties

ervaren dat een beschrijving van een algoritme helder kan lijken maar wellicht nog steeds verkeerd 'begrepen' kan worden (door een ander of door de computer) en vraagt om een duidelijker formulering

ontwikkelen en schrijven van eenvoudige computercode

n.v.t.PO 00
Parallellisatie
ervaren dat door handelingen gelijktijdig uit te voeren een taak sneller uitgevoerd kan worden

identificeren van handelingen die binnen een uit te voeren taak gelijktijdig uitgevoerd kunnen worden

een complexe opdracht in zo kort mogelijke tijd tot een goed einde brengen door zoveel mogelijk handelingen gelijktijdig uit te voeren

n.v.t.PO 00
Abstractie
omzetten van eenvoudige concrete situaties in eigen woorden uitleggen

onderscheiden van elementaire kenmerken van een voorwerp

selecteren van het belangrijkste dat nodig is voor het uitvoeren van een taak

begrijpen van de betekenis van 'abstractie'

herkennen van belangrijke elementen in een proces, verhaal of foto

identificeren van verschillen in vergelijkbare situaties en deze in versimpelde termen benoemen

herkennen en gebruiken van verschillende geabstraheerde verschijningsvormen (zoals plattegrond/kaart of ­begrip/concept)

beschrijven hoe apparaten en digitale instrumenten werken door de hoofdlijnen en belangrijkste componenten aan te geven

weergeven van de werkelijkheid in een conceptueel model

Kan complexiteit reduceren en algemene concepten overbrengen

Kan twee verschillende concepten vergelijken en deze logisch verbinden

Kan op abstract niveau gegevens representeren door middel van bijvoorbeeld modellen en simulaties

VO 00
Simulatie en modellering
simulaties uitvoeren door een probleemsituatie na te spelen

herkennen van simulaties (bijv. spelletjes) ook in relatie tot de werkelijkheid

onderzoeken van de bruikbaarheid van een gevonden oplossing voor een probleem in andere situaties

bedenken van voorwaarden bij het werken aan een eenvoudig computerprogramma

een simulatie uitvoeren van een eenvoudig proces in een geschikte simulatieomgeving (computerprogramma)

een model maken voor een bepaald probleem

onderzoeken en beschrijven van het model dat achter een eenvoudig computerspel ligt

n.v.t.PO 00
Gegevens verzamelenn.v.t.n.v.t.
selecteren van bruikbare gegevens uit een gegevensverzameling

genereren van een gegevensverzameling

n.v.t.PO 00
Problemen (her)fomuleren ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan op een zodanige manier problemen formuleren dat het mogelijk wordt om het probleem op te lossen door gebruik van een computer of ander gereedschap

Kan mogelijke oplossingen analyseren om de meest kansrijke richting te bepalen

VO 00
Gegevens verzamelen ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan procesmatig relevante gegevens verzamelen

Kan systematisch gegevens verzamelen via artikelen, experimenten, interviews, enquêtes of literatuurstudie

VO 00
Gegevens analyseren ​ ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan gegevens logisch ordenen en begrijpen

Kan patronen vinden en conclusies trekken

Kan grafieken evalueren en relevante statistische methodes toepassen

VO 00
Gegevens visualiseren ​ ​ ​ ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan gegevens representeren door middel van modellen van de werkelijkheid

Kan informatie weergeven in relevante grafieken, tabellen, woorden en plaatjes

Kan uit een verzameling de meest effectieve representatie selecteren

Kan misleiding in grafische representaties onderkennen

Kan conclusies manipuleren door middel van het selecteren van een bepaalde vorm van representatie

VO 00
Algoritmes en procedures ​ ​ ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan door algoritmisch redeneren oplossingen genereren

Kan oplossingen automatiseren door middel van algoritmisch denken

Kan een computerprogramma schrijven in code

Kan een proces om problemen op te lossen generaliseren, zodat het ook bij andere problemen toegepast kan worden

VO 00
Automatisering ​ ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan door het opstellen van een serie van geordende stappen een probleem oplossen of een bepaald doel bereiken

Kan effectieve en efficiënte stappen zetten en bronnen gebruiken om tot een uiteindelijke oplossing te komen

Kan mogelijke oplossingen identificeren, analyseren en implementeren met als doel de meest effectieve en efficiënte oplossing te vinden

Kan repetitieve taken laten uitvoeren door computers

VO 00
Simulatie en modellering ​ ​ ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan een proces representeren of een experiment uitvoeren op basis van modellen

Kan een routebeschrijving uitvoeren om te controleren of die klopt

Kan een routebeschrijving maken

Kan een probleemoplossing generaliseren en toepassen op andere problemen

VO 00
Parallelization ​n.v.t.n.v.t.n.v.t.
Kan een planning maken en taken toewijzen aan teamleden tijdens een project

Kan middelen op een dergelijke wijze organiseren dat het mogelijk wordt om ze simultaan in te zetten om een gezamenlijk doel te bereiken

Kan taken gelijktijdig laten uitvoeren door computers

VO 00