helphelp

Exameneenheden

( )

ExameneenheidContexten en tekstkenmerkenVakkernen

MVT/K/2 Basisvaardigheden
2. De kandidaat kan basisvaardigheden toepassen die betrekking hebben op communiceren, samenwerken en informatie verwerven, verwerken en presenteren.
 

MVT/K/2

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Spreken

MVT/K/3 Leervaardigheden in de Moderne Vreemde Talen
3. De kandidaat kan strategische vaardigheden toepassen die bijdragen tot:
− het bereiken van verschillende lees-, schrijf-, luister- en kijk-, en spreek-en gespreksdoelen;
− de bevordering van het eigen taalleerproces;
− het compenseren van eigen tekortschietende taalkennis of communicatieve kennis;
− kennis van land en samenleving toepassen bij het herkennen van cultuuruitingen.

MVT/K/3

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Spreken

MVT/K/4 Leesvaardigheid
4. De kandidaat kan:
− aangeven welke relevante informatie een tekst bevat, gegeven een bepaalde informatiebehoefte;
− de hoofdgedachte van een tekst(gedeelte) aangeven;
− de betekenis van belangrijke elementen van een tekst aangeven;
− gegevens uit één of meer teksten met elkaar vergelijken en daaruit conclusies trekken;
− verbanden tussen delen van een tekst aangeven.
 

MVT/K/4

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Lezen

MVT/K/5 Luister- en kijkvaardigheid
5. De kandidaat kan:
− aangeven welke relevante informatie een tekst bevat, gegeven een bepaalde informatiebehoefte;
− de hoofdgedachte van een tekst(gedeelte) aangeven;
− de betekenis van belangrijke elementen van een tekst aangeven;
− anticiperen op het meest waarschijnlijke vervolg van een gesprek.
 

MVT/K/5

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Kijken en luisteren

MVT/K/6 Gespreksvaardigheid
6. De kandidaat kan:
− adequaat reageren in veel voorkomende sociale contacten, zoals begroeten;
− informatie geven en vragen;
− naar een mening/oordeel vragen en een mening/oordeel geven;
− uitdrukking geven aan en vragen naar (persoonlijke) gevoelens;
− een persoon, object of gebeurtenis, ook uit het verleden en in de toekomst, beschrijven.
 

MVT/K/6

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Gesprekken voeren
Spreken

MVT/K/7 Schrijfvaardigheid
7. De kandidaat kan:
− (persoonlijke) gegevens verstrekken;
− een kort bedankje, groet of goede wensen schriftelijk overbrengen;
− een briefje schrijven om informatie te vragen of te geven, om verzoeken of voorstellen te doen of daarop te reageren, om gevoelens te uiten en ernaar te vragen;
− op eenvoudig niveau briefconventies gebruiken.
 

MVT/K/7

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Schrijven

MVT/V/1 Leesvaardigheid
8. De kandidaat kan:
− het gebruik van speciale stijlmiddelen herkennen;
− conclusies trekken met betrekking tot het schrijfdoel, de opvattingen, de gevoelens van de auteur en tot het beoogde publiek.

MVT/V/1

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Lezen

MVT/V/2 Schrijfvaardigheid
9. De kandidaat kan een formele brief schrijven om informatie te vragen of om iets te arrangeren of af te zeggen.
 

MVT/V/2

Dagelijks leven. Publieke sector. Opleiding.

Dagelijks leven: persoonlijke zaken, thuis en omgeving, vrije tijd en amusement Publieke domein: reizen, actualiteiten Opleiding: uitwisseling, school en toekomst
Schrijven