helphelp

Tussendoelen

Biologie ( bb kb/gl/tl )

  • = CE
  • = Basis
  • = Verdiepende keuzestof
  • = SE
  • = Verbredende keuzestof
  • = SE Papieren versie CE Digitale versie [bij digitale versie mag deze eindterm ook nog op SE]
  • = CE [mag op SE]
  • = Varieert per bb/kb/gt-leerweg en varieert ook door de keuze voor papieren of digitaal examen. Zie Syllabus 2014.
  • = CE en SE
  • = K
  • = Kgv
Biologische eenheid
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Levenskenmerk
Uitleggen hoe bouw en werking van onderdelen van een organisme bijdragen aan de functies voeding, verdediging tegen vijanden, verdediging tegen het milieu en voortplanting

Organismen vergelijken wat betreft de manier waarop zij zich voeden, zich verdedigen tegen vijanden en tegen het milieu, en zich voortplanten

Uitleggen hoe bouw en werking van onderdelen van een organisme bijdragen aan de functies voeding, verdediging tegen vijanden, verdediging tegen het milieu en voortplanting

Organismen vergelijken wat betreft de manier waarop zij zich voeden, zich verdedigen tegen vijanden en tegen het milieu, en zich voortplanten

VO 29, VO 32, VO 34
Cel
Benoemen dat alle organismen bestaan uit een of meer cellen

Benoemen dat cellen stoffen kunnen opnemen en gebruiken, en kunnen delen

Celkern, celmembraan, cytoplasma, vacuole en bladgroenkorrels noemen als onderdelen van cellen en de celwand als structuur buiten de cel en functies daarvan benoemen

Benoemen dat alle organismen bestaan uit een of meer cellen

Benoemen dat cellen stoffen kunnen opnemen en gebruiken, en kunnen delen

Celkern, celmembraan, cytoplasma, vacuole en bladgroenkorrels noemen als onderdelen van cellen en de celwand als structuur buiten de cel en functies daarvan benoemen

Benoemen dat in elke celkern DNA aanwezig is dat instructies bevat voor de cel

Plantaardige en dierlijke cellen onderscheiden

VO 29, VO 32, VO 34
Orgaan
Voorbeelden van organen bij zaadplant en mens noemen

Voorbeelden van organen bij zaadplant en mens noemen

VO 29, VO 32, VO 34
Organisme
Benoemen dat organismen ingedeeld worden in planten, dieren, schimmels en bacteriën en de verschillen hiertussen benoemen

Planten en dieren op basis van kenmerken indelen in hoofdgroepen

Voorbeelden geven van gevaren en gebruik van virussen, bacteriën en schimmels

Benoemen wat onder een soort wordt verstaan

Benoemen dat organismen ingedeeld worden in planten, dieren, schimmels en bacteriën en de verschillen hiertussen benoemen

Planten en dieren op basis van kenmerken indelen in hoofdgroepen

Voorbeelden geven van gevaren en gebruik van virussen, bacteriën en schimmels

Benoemen wat onder een soort wordt verstaan

VO 29, VO 32, VO 34
Instandhouding
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Celstofwisseling
Uitleggen dat een cel voedingsstoffen gebruikt voor opbouw/herstel en voor verbranding

Beschrijven dat planten in cellen met bladgroen met behulp van zonlicht eigen energierijke stoffen en zuurstof maken

Uitleggen dat een cel voedingsstoffen gebruikt voor opbouw/herstel en voor verbranding

Beschrijven dat planten in cellen met bladgroen met behulp van zonlicht eigen energierijke stoffen en zuurstof maken

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Stofwisseling van het organisme
Bouw en functie van organen betrokken bij bloedsomloop, ademhaling en spijsvertering benoemen

Beschrijven hoe de opname, verspreiding en gebruik van voedingsstoffen en zuurstof verloopt

De functie van enzymen in de spijsvertering benoemen/uitleggen

Benoemen van de belangrijkste functies van eiwitten, vetten, koolhydraten, mineralen, vitamines en water voor het lichaam

Beschrijven hoe de afvalstoffen het lichaam verlaten

De samenstelling van bloed uit plasma, rode en witte bloedcellen en bloedplaatjes benoemen en de functies van de onderdelen noemen

Uitleggen dat bacteriën en virussen vooral via mond, neus en wonden binnenkomen en worden tegengehouden door slijmvlies met trilharen, maagzuur en witte bloedcellen

Bouw en functie van organen betrokken bij bloedsomloop, ademhaling en spijsvertering benoemen

Beschrijven hoe de opname, verspreiding en gebruik van voedingsstoffen en zuurstof verloopt

De functie van enzymen in de spijsvertering benoemen/uitleggen

Benoemen van de belangrijkste functies van eiwitten, vetten, koolhydraten, mineralen, vitamines en water voor het lichaam

Beschrijven hoe de afvalstoffen het lichaam verlaten

De samenstelling van bloed uit plasma, rode en witte bloedcellen en bloedplaatjes benoemen en de functies van de onderdelen noemen

Uitleggen dat bacteriën en virussen vooral via mond, neus en wonden binnenkomen en worden tegengehouden door slijmvlies met trilharen, maagzuur en witte bloedcellen

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Planten
Benoemen dat planten water en mineralen uit de bodem opnemen en via vaatbundels naar de bladeren transporteren waar het water weer verdampt

Benoemen dat planten de energierijke stoffen die in de groene delen zijn gevormd via vaatbundels transporteren naar andere delen waar ze kunnen worden opgeslagen

Benoemen dat planten water en mineralen uit de bodem opnemen en via vaatbundels naar de bladeren transporteren waar het water weer verdampt

Benoemen dat planten de energierijke stoffen die in de groene delen zijn gevormd via vaatbundels transporteren naar andere delen waar ze kunnen worden opgeslagen

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Regeling
Voorbeelden van terugkoppeling benoemen, [zoals zweten en grotere doorbloeding van de huid bij stijgende lichaamstemperatuur]

Voorbeelden van terugkoppeling benoemen, [zoals zweten en grotere doorbloeding van de huid bij stijgende lichaamstemperatuur]

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Voeding
Eisen waaraan een evenwichtig voedingspakket moet voldoen benoemen en uitleggen wat de gevolgen kunnen zijn als er een niet-evenwichtig voedingspakket wordt gebruikt

Beschrijven wat de gevaren zijn van voedselbederf en hoe dit wordt voorkomen in de productie van voedingsmiddelen en bij het bewaren thuis

Eisen waaraan een evenwichtig voedingspakket moet voldoen benoemen en uitleggen wat de gevolgen kunnen zijn als er een niet-evenwichtig voedingspakket wordt gebruikt

Beschrijven wat de gevaren zijn van voedselbederf en hoe dit wordt voorkomen in de productie van voedingsmiddelen en bij het bewaren thuis

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Gezondheid73 leermiddelen
Uitleggen dat gezondheid en ziektes beïnvloed worden door de combinatie van voeding, leefstijl, leefomgeving (oa stress, schadelijke stoffen en straling), infecties, erfelijke aanleg en leeftijd

Uitleggen hoe gezondheid bevorderd/ziekte voorkomen kan worden, waaronder vaccinatie

Gevolgen van verslavingen noemen

Benoemen hoe te handelen bij ongevallen zoals brandwonden

Aangeven voor welke aspecten van gezondheid je zelf moet zorgen en voor welke aspecten je hulp kunt krijgen

Uitleggen dat gezondheid en ziektes beïnvloed worden door de combinatie van voeding, leefstijl, leefomgeving (oa stress, schadelijke stoffen en straling), infecties, erfelijke aanleg en leeftijd

Uitleggen hoe gezondheid bevorderd/ziekte voorkomen kan worden, waaronder vaccinatie

Gevolgen van verslavingen noemen

Benoemen hoe te handelen bij ongevallen zoals brandwonden

Aangeven voor welke aspecten van gezondheid je zelf moet zorgen en voor welke aspecten je hulp kunt krijgen

VO 29, VO 32, VO 33, VO 34
Interactie25 leermiddelen
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Waarneming
Bouw en functie van het oog beschrijven

Uitleggen welke lensafwijking verholpen kan worden met welke middelen

Beschrijven dat signalen vanuit de zintuigen via zenuwen naar de hersenen worden doorgegeven

Bouw en functie van het oog beschrijven

Uitleggen welke lensafwijking verholpen kan worden met welke middelen

Beschrijven dat signalen vanuit de zintuigen via zenuwen naar de hersenen worden doorgegeven

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Beweging
Bouw en functie van de bij bewegen betrokken organen bij de mens beschrijven

Beschrijven dat signalen vanuit de hersenen via zenuwen naar de spieren worden doorgegeven

Uitleggen wat lichamelijke conditie inhoudt en hoe deze bevorderd kan worden

Bouw en functie van de bij bewegen betrokken organen bij de mens beschrijven

Beschrijven dat signalen vanuit de hersenen via zenuwen naar de spieren worden doorgegeven

Uitleggen wat lichamelijke conditie inhoudt en hoe deze bevorderd kan worden

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Gedrag
Voorbeelden geven van hoe (eigen) menselijk gedrag mede beïnvloed wordt door wat anderen om je heen doen of normaal vinden, en door inwendige factoren als honger, angst, seksuele opwinding of verslaving

Onderscheid maken tussen observatie en interpretatie van gedrag

Voorbeelden geven van hoe (eigen) menselijk gedrag mede beïnvloed wordt door wat anderen om je heen doen of normaal vinden, en door inwendige factoren als honger, angst, seksuele opwinding of verslaving

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Voortplanting
 
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Celdeling
Beschrijven wat er gebeurt bij een celdeling

Benoemen dat meercellige organismen doorgaans ontstaan uit een bevruchte eicel die zich door celdeling vermeerdert

Beschrijven wat er gebeurt bij een celdeling

Benoemen dat het erfelijk materiaal bij elke celdeling wordt gekopieerd

Benoemen dat meercellige organismen doorgaans ontstaan uit een bevruchte eicel die zich door celdeling vermeerdert

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Levenscyclus
Voorbeelden van geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting bij planten en dieren benoemen

Beschrijven hoe de voortplanting bij de mens verloopt

Beschrijven dat/hoe door prenataal onderzoek het ongeboren kind kan worden onderzocht op geslacht en bepaalde aangeboren afwijkingen

Fasen van lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van mensen beschrijven, met name de puberteit

Voorbeelden van geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting bij planten en dieren benoemen

Beschrijven hoe de voortplanting bij de mens verloopt

Beschrijven dat/hoe door prenataal onderzoek het ongeboren kind kan worden onderzocht op geslacht en bepaalde aangeboren afwijkingen

Fasen van lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van mensen beschrijven, met name de puberteit

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Seksualiteit
Uitleggen hoe de mens kan ingrijpen in de voortplanting, onder andere door voorbehoedsmiddelen

Benoemen van verschillende SOA en hoe je die kunt voorkomen

Benoemen dat seksuele geaardheid kan verschillen

Instanties die hulp bieden bij problemen rond seksualiteit en relaties benoemen

Uitleggen hoe de mens kan ingrijpen in de voortplanting, onder andere door voorbehoedsmiddelen

Benoemen van verschillende SOA en hoe je die kunt voorkomen

Benoemen dat seksuele geaardheid kan verschillen

Instanties die hulp bieden bij problemen rond seksualiteit en relaties benoemen

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Erfelijkheid
Uitleggen dat bij de bevruchting elk van de ouders 50% van het erfelijk materiaal levert

Voorbeelden geven van eigenschappen waarop erfelijk materiaal van de ouders, omgeving en leefstijl in verschillende mate van invloed kunnen zijn of zijn geweest

Beschrijven dat door onderzoek van het erfelijk materiaal kansen op bepaalde ziekten en op nakomelingen met die ziekten kunnen worden bepaald

Beschrijven dat door onderzoek van het erfelijk materiaal verwantschap kan worden aangetoond

Uitleggen dat bij de bevruchting elk van de ouders 50% van het erfelijk materiaal levert

Voorbeelden geven van eigenschappen waarop erfelijk materiaal van de ouders, omgeving en leefstijl in verschillende mate van invloed kunnen zijn of zijn geweest

Uitleggen dat bij mensen het geslacht wordt bepaald door de combinatie van geslachtschromosomen

Beschrijven dat door onderzoek van het erfelijk materiaal kansen op bepaalde ziekten en op nakomelingen met die ziekten kunnen worden bepaald

Beschrijven dat door onderzoek van het erfelijk materiaal verwantschap kan worden aangetoond

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Evolutie
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Natuurlijke selectie
Beschrijven dat alle nu levende organismen, waaronder de mens, afstammen van eerder levende organismen die er anders uitzagen

Uitleggen dat exemplaren van een soort die iets beter aan de omgeving zijn aangepast grotere kans hebben om nakomelingen te krijgen en dat bij veranderingen in de omgeving soorten daardoor geleidelijk kunnen veranderen

Beschrijven dat alle nu levende organismen, waaronder de mens, afstammen van eerder levende organismen die er anders uitzagen

Uitleggen dat in de loop van de tijd veel soorten zijn uitgestorven als de omgeving veranderde

Uitleggen hoe fossielen zijn ontstaan en hoe ze gevonden worden

VO 29, VO 30, VO 31, VO 32, VO 35
Dynamisch evenwicht113 leermiddelen
VaksubkernenInhoudenbbkb/gl/tlkerndoelen onderbouw
Voedselrelaties
Uitleggen hoe soorten in een gebied van elkaar afhankelijk voor voedsel, schuilplaats en bestuiving

Een voedselketen en voedselweb kunnen opstellen op basis van gegevens over planten en dieren in een gebied

Benoemen dat planten bij de fotosynthese koolstofdioxide vastleggen in glucose en dat bij de verbranding van glucose weer koolstofdioxide vrijkomt

Uitleggen hoe soorten in een gebied van elkaar afhankelijk voor voedsel, schuilplaats en bestuiving

Een voedselketen en voedselweb kunnen opstellen op basis van gegevens over planten en dieren in een gebied

Benoemen dat planten bij de fotosynthese koolstofdioxide vastleggen in glucose en dat bij de verbranding van glucose weer koolstofdioxide vrijkomt

VO 29, VO 30, VO 31, VO 33, VO 34
Duurzaamheid
Voorbeelden geven van duurzame oplossingen voor milieuproblemen

Uitleggen dat duurzaam omgaan met het milieu inhoudt dat niet meer wordt onttrokken dan het milieu kan aanvullen en dat niet meer wordt afgegeven dan het milieu kan verwerken

Uitleggen dat niet-duurzaam omgaan met het milieu leidt tot versterkt broeikaseffect, uitputting van grondstoffen, verlies van natuur, en gezondheidsproblemen door vervuiling van water en leefomgeving

Voorbeelden geven van duurzame oplossingen voor milieuproblemen

VO 29, VO 30, VO 31, VO 33, VO 34
Ecosysteem64 leermiddelenn.v.t.
Eigenschappen van ecosystemen beschrijven en daarin de rol van biotische en abiotische factoren zoals bodem en water aangeven

Toelichten wat onder biodiversiteit wordt verstaan en daarvan voorbeelden geven uit de eigen omgeving

VO 29, VO 30, VO 31, VO 33, VO 34